Wat waarderen wandelaars? Inzichten voor de (door)ontwikkeling van wandelnetwerken
Een onderzoek onder ruim 3.400 wandelaars
Nederland beschikt over een uitgebreid netwerk van wandelroutes. Dankzij knooppunt- en keuzepuntnetwerken kunnen wandelaars eenvoudig een route uitstippelen. Maar hoe worden deze netwerken eigenlijk gebruikt? Welke voorzieningen dragen bij aan een aantrekkelijke wandelervaring? En waar liggen nog kansen voor verbetering? Om antwoord te geven op deze vragen is een grootschalig kwaliteits- en tevredenheidsonderzoek uitgevoerd onder wandelaars.
Inhoud van dit artikel
Het onderzoek
Het onderzoek werd in opdracht van Wandelnet uitgevoerd door Ipsos I&O. Het vond plaats in 2023 en 2024 in Drenthe, Overijssel, Utrecht, Zuid-Holland, Zeeland en Limburg. Ruim 3.400 wandelaars deden mee. Zij werden deels op locatie benaderd en deels bereikt via een online vragenlijst, verspreid door routebureaus, provincies en Wandelnet. De wandelnetwerken hebben zich uiteraard in de tussenliggende periode verder ontwikkeld, maar de belangrijkste inzichten in gebruik, waardering en behoeften van wandelaars zijn nog altijd relevant.
Keuze bestemming of route
Wanneer wandelaars een bestemming of route kiezen, spelen vooral de kwaliteit van de omgeving of het landschap (75%), de lengte van de route (64%) en de afwisseling onderweg (32%) een rol. Deze voorkeuren gelden voor wandelingen in het algemeen en niet uitsluitend voor wandelingen op een wandelnetwerk. Deze top 3 is in alle onderzochte provincies gelijk.
Hoe navigeert de wandelaar?
Navigatiemiddelen spelen voor veel wandelaars een belangrijke rol. Bijna driekwart gebruikt tijdens de wandeling een vorm van routeondersteuning. Beborde routes en digitale navigatiemiddelen worden elk door ongeveer vier op de tien wandelaars gebruikt, terwijl ruim een kwart ook papieren routekaarten of routeboekjes raadpleegt. De verschillende navigatie blijven dus naast elkaar bestaan en worden onderweg ook gecombineerd.
Wat maakt de wandeling compleet?
Naast de route zelf dragen ook de voorzieningen onderweg, zoals een bankje, een horecagelegenheid en een goede (gratis) plek om de auto te parkeren, bij aan de totale wandelervaring.
Om inzicht te krijgen in mogelijke verbeterpunten is wandelaars gevraagd naar hun ergernissen en de ervaren drukte tijdens de wandeling. Zes op de tien wandelaars geven aan zich nergens aan te hebben geërgerd. De wandelaars die wel verbeterpunten noemen, noemen vooral de onduidelijke routeaanduiding, het gedrag van andere recreanten en een gebrek aan vuilnisbakken onderweg.


Weinig hinder van drukte
De ervaren drukte tijdens de wandeling blijkt beperkt. Negen op de tien wandelaars omschrijven de route als rustig of ‘niet rustig, maar ook niet druk’. Slechts 9% ervaart de route als druk en slechts 1% als te druk. Opvallend is dat ook in provincies met een relatief hoge recreatiedruk, zoals Utrecht en Zuid-Holland, het aandeel wandelaars dat de route als (te) druk ervaart nauwelijks hoger ligt dan in de andere onderzochte provincies. Mogelijk komt dit doordat wandelaars hun verwachtingen (onbewust) afstemmen op het gebied waarin zij wandelen. Het onderzoek meet niet het daadwerkelijke aantal recreanten in het gebied, maar de ervaren drukte.
Wat zijn wandelnetwerken?
Wandelnetwerken bestaan uit een netwerk van wandelroutes die op elkaar aansluiten en samen lussen vormen. De routes zijn gemarkeerd met kleuren, knooppuntnummers of een combinatie daarvan. Wandelaars kunnen een bestaande route volgen of zelf een route samenstellen. Onderweg kan eenvoudig worden overgestapt op een andere kleur of een ander knooppunt, waardoor de route langer of korter kan worden gemaakt. De lussen variëren meestal van 2 tot 20 kilometer. Daarnaast maken ook themaroutes deel uit van het wandelnetwerk. Dit zijn vooraf samengestelde routes die worden aangegeven met een kleur of een vaste reeks knooppunten.
De wandelnetwerken scoren gemiddeld een 8,0
De gebruikers beoordelen de wandelnetwerken gemiddeld met een 8,0. De verschillen tussen de provincies zijn daarbij klein. Zuid-Holland (7,8) en Zeeland (7,9) scoren net iets onder het gemiddelde, terwijl de overige provincies gemiddeld een 8,0 krijgen. Inzoomen op de verschillende aspecten van de wandelnetwerken, toont aan dat er wel verschillen in waardering zijn. Vooral de informatievoorziening, het onderhoud van de bewegwijzering, de kwaliteit van de paden en de dichtheid van het netwerk lopen uiteen. Dit laat zien dat de basis van de wandelnetwerken overal goed op orde is, maar ook dat provincies elk hun eigen sterke punten hebben. Door ervaringen en succesvolle oplossingen uit te wisselen, kunnen zij de kwaliteit van de wandelnetwerken verder versterken.
Verschillende systemen
Hoewel de ervaringen met de onderzochte wandelnetwerken overwegend positief zijn, leiden verschillen in systematiek (kleuren of knooppuntnummers) en de vormgeving van de bewegwijzering soms tot onduidelijkheid. Ongeveer één op de tien wandelaars ervaart knelpunten bij overgangen tussen verschillende netwerken, bijvoorbeeld op provincie- of regiogrenzen. Dat lijkt een beperkt aandeel, maar dergelijke overgangen vormen slechts een klein deel van het totale netwerk en niet iedere wandelaar komt hiermee in aanraking.


Bekendheid kan nog groeien
Een derde van alle ondervraagde wandelaars gebruikt het wandelnetwerk regelmatig. Nog eens 35 procent kent het netwerk en heeft het wel eens gebruikt of maakt er af en toe gebruik van. De rest kent het wel, maar heeft het nooit gebruikt (19%) of is er onbekend mee (13%). Opvallend is dat de bekendheid van de wandelnetwerken niet overal even groot is. Vooral in Zeeland en Zuid-Holland kennen relatief veel wandelaars het netwerk nog niet. In Noord- en Midden-Limburg en Overijssel ligt het regelmatige gebruik juist hoger.
Van de wandelaars die de wandelnetwerken kennen, geeft de helft aan dat zij mee in aanraking zijn gekomen doordat zij tijdens een wandeling de routebordjes tegen kwamen. Daarna volgen toeristische websites (14%) en aanbevelingen via familie of vrienden (10%).
Hoe gebruikt men de wandelnetwerken?
Wandelnetwerken worden op verschillende manieren gebruikt. Uit het onderzoek onder de gebruikers blijkt dat ruim de helft (53%) zelf een route samenstelt door knooppunten met elkaar te combineren. Een iets kleinere groep (43%) volgt juist een bestaande route over het knooppuntennetwerk, zoals een themaroute die is samengesteld door een toeristische organisatie. De resultaten laten zien dat wandelnetwerken meer zijn dan alleen een manier om de weg te vinden. Ze vormen een flexibel systeem waarop eenvoudig nieuwe wandelroutes kunnen worden ontwikkeld. Daarmee bieden ze kansen om bezoekers naar minder bekende gebieden te leiden, recreatiedruk te spreiden en het recreatieve aanbod in een regio verder te versterken.
Van onderzoek naar actie in Zeeland
Zeeland heeft de uitkomsten van het kwaliteits- en tevredenheidsonderzoek vertaald naar concrete acties voor het wandelnetwerk:
- De provincie brengt de toegankelijkheid van routes en de aanwezige voorzieningen beter in beeld, met als doel deze gericht te verbeteren.
- De presentatie van het wandelnetwerk krijgt extra aandacht.
- Zeeland werkt aan een grotere bekendheid en betere vindbaarheid van de routes, onder meer via Zeeland.com, Wandelnetwerk Zeeland, Route.nl en Komoot.
- Er wordt gekeken hoe routes beter kunnen aansluiten op dorpskernen en lokale voorzieningen.
- Om wandelaars meer beleving te bieden, zet Zeeland in op gebiedsgerichte routes rond de verhalen en rijke cultuurhistorie van de provincie.
- Door de ontwikkelingen te vergelijken met andere regio’s blijft Zeeland volgen waar verdere verbetering mogelijk is.
Conclusie
Het onderzoek laat zien dat de Nederlandse wandelnetwerken een sterke basis vormen voor recreatief wandelen. Gebruikers waarderen de netwerken gemiddeld met een 8,0 en ervaren tijdens hun wandeling weinig hinder of drukte. Voor een aantrekkelijke wandeling zijn vooral een mooie omgeving, een gevarieerde route en goede voorzieningen onderweg belangrijk.
Tegelijkertijd zijn er nog volop kansen om de wandelnetwerken verder te verbeteren. Zo kan de bekendheid van de netwerken in sommige provincies nog groeien en verschillen provincies in de kwaliteit van onder meer de informatievoorziening, de bewegwijzering en de paden. Daarnaast kunnen ook de aansluitingen op de grenzen tussen verschillende wandelnetwerken (en systemen) verder worden verbeterd. Door kennis en ervaringen met elkaar te delen, kunnen provincies van elkaar leren.
De resultaten laten ook zien dat wandelnetwerken meer zijn dan alleen een manier om de route te vinden. Ze maken het eenvoudig om nieuwe routes te ontwikkelen, wandelaars naar minder bekende gebieden te leiden en bezoekers beter over een gebied te spreiden. Daarmee dragen wandelnetwerken niet alleen bij aan een prettige wandel-ervaring, maar ook aan een aantrekkelijk en toekomstbestendig recreatief aanbod.
Het rapport Tevredenheidsonderzoek Wandelnetwerken, benchmarkrapport Drenthe, Overijssel, Limburg, Utrecht, Zuid-Holland en Zeeland, 2025 is te downloaden via
www.wandelnet.nl/onderzoek-en-publicaties
