Verblijfsrecreatie·Artikel

Vitaliteit Drentse verblijfsrecreatie onder druk

De vitaliteit van de verblijfsrecreatiesector in Drenthe staat onder druk. Uit het onderzoek blijkt dat de revitaliseringsopgave een brede opgave is, zowel economisch, ruimtelijk, volkshuisvestelijk als sociaal-maatschappelijk met een sterke verwevenheid over en weer. Dat blijkt uit onderzoek van ZKA Leisure Consultants onder 200 vakantieparken en grotere campings in de provincie met ruim 20.000 staanplaatsen en recreatiewoningen. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het Recreatieschap Drenthe en de provincie Drenthe.

Ton Vermeulen · 25 sept 2017 · 7 min lezen Printen
Vitaliteit Drentse verblijfsrecreatie onder druk

Het vitaliteitsonderzoek biedt inzicht in het (bedrijfsmatig) functioneren van de verblijfsrecreatielocaties in Drenthe. Ook biedt het voor de sector, individuele parken en gemeenten kansrijke richtingen om de verblijfsrecreatieparken en -sector ook op de lange termijn vitaal te houden. Drenthe heeft in totaal 209 parken die actief zijn in de verblijfssector.

Vitaliteitsindex

Van de onderzochte parken/campings in Drenthe is 40% vitaal. Vertaald naar het aantal staanplaatsen en recreatiewoningen (eenheden) is dit 67%. Van de onderzochte parken is 18% (14% in eenheden) minder vitaal, doordat ze gelegen zijn op een locatie die toeristisch-recreatief matig en weinig onderscheidend is of doordat de bedrijfskwaliteit onder de maat is.

Structuur van het aanbod

De meeste recreatieparken in Drenthe (34%) zijn campings, gevolgd door gemengde bedrijven (19%) en bungalowparken (17%). Opvallend is het grote aandeel (30%) van de parken die niet bedrijfsmatig worden geëxploiteerd. Het gaat dan om tweede woning parken of parken waarvan de eenheden niet recreatief gebruikt worden. Kijken we naar type accommodatie dan valt op dat 35% van de capaciteit bestaat uit vakantiewoningen, 30% uit toeristische plaatsen en 24% uit jaarplaatsen.

Figuur 1: Aanbodstructuur verblijfsrecreatie Drenthe

Bron: ZKA

Economische betekenis

Drenthe maakt zich niet zomaar zorgen om de kwaliteit van het aanbod. De totale verblijfstoeristische bestedingen bedroegen in Drenthe in 2015 bijna €445 miljoen. Hiervan betreft €347 miljoen directe vakantiebestedingen waarvan circa 80% voor rekening van kampeerterreinen en recreatiewoningen (circa €280 miljoen).

Productiviteit

De helft van de verblijfsrecreatiebedrijven heeft aangegeven winst te maken, 11% draait break-even en 5% maakt verlies. De overige 33% heeft geen antwoord gegeven. Mogelijk leidt een aanzienlijk deel hiervan verlies. Belangrijke reden is de achterblijvende productiviteit. Daarvoor hebben de onderzoekers een zogenaamde omzetnorm berekend, dat is de omzet die nodig is om een bedrijfsmatig gezond rendement op investeringen te behalen zodat er ook in de toekomst nog ruimte is om te investeren.

Tabel 1: Productiviteit verblijfsaccommodaties Drenthe

Bron: ZKA

De productiviteit van met name jaarplaatsen en toeristische plaatsen in Drenthe blijft achter wanneer deze wordt vergeleken met de omzetnorm en andere regio’s in Nederland. Van de jaarplaatsen haalt slechts 36% de omzetnorm en van de toeristische plaatsen 15%. De productiviteit van de vakantiewoningen is gemiddeld. Zo’n 66% van de vakantiewoningen behaalt de omzetnorm. Dit komt vooral door de top-10 best presterende bungalowparken in Drenthe. Van de overige vakantieparken haalt (nagenoeg) geen enkele woning de omzetnorm. Met een jaarplaats wordt gemiddeld in Drenthe € 1.148 verdiend. Een toeristische plaats levert € 682 per jaar op en een vakantiewoningen € 17.500.

Ondernemerschap

Het is opvallend dat Drentse ondernemers in de verblijfsrecreatie zich over het algemeen veel meer met operationele taken bezighouden dan met strategische taken. Ongeveer 61% van de ondernemers geeft aan zich op een specifieke doelgroep te richten. Hierbij gaat het in veel gevallen om vijftigplussers en gezinnen met jonge kinderen; een weinig onderscheidende doelgroep. 39% van de bedrijven heeft geen specifieke doelgroep voor ogen en daar is iedereen welkom. Dit gebrek aan doelgroep-focus is ook vaak terug te zien in de verouderde communicatiemiddelen (oubollige folders, geen socialmedia en een 1.0 website). Desgevraagd zijn ondernemers in Drenthe vooral bezorgd over marktontwikkelingen (rondom vraag, prijzen, concurrentie etc.) en de wet-en regelgeving. Daarnaast spelen zaken als financieringsmogelijkheden en bedrijfsopvolging/verkoop bij naderend pensioen als zorgpunten. De onderzoekers zien twee categorieën ondernemers in Drenthe:

Ondernemers in beweging (50-60%):

- voeren strategische taken uit

- richten zich op een specifieke doelgroep

- hebben een winstgevende operatie

- streven kwaliteitsverbetering na

- bewegen mee met de markt

- hebben investeringsplannen

Stilstaande ondernemers (40-50%):

- voeren hoofdzakelijk operationele taken uit

- hebben geen specifieke doelgroep

- draaien met verlies of break-even

- zien geen mogelijkheden tot rendementsverbetering

- naderende bedrijfsovername remt ontwikkeling

Vitaliteit

Om een scherpe diagnose te stellen hoe de sector en hoe individuele parken ervoor staan hebben we de vitaliteit in beeld gebracht. Dit model heeft twee assen: de horizontale as geeft de bedrijfsmatige kwaliteit weer en de verticale as het toekomstperspectief in verblijfsrecreatie.

40% van de onderzochte parken in de Drentse verblijfssector is vitaal. Deze parken komen uit in het groene kwadrant waar bedrijven doorgaans in goede verbinding staan met hun toeristisch-recreatieve gasten. Ongeveer eenzelfde aandeel (42%) komt uit in het rode niet-vitale kwadrant waar zowel het perspectief als de kwaliteit te laag is.16% van de parken heeft voldoende kwaliteit maar te weinig toekomstperspectief in verblijfsrecreatie (gele kwadrant). Tot slot valt 2% van de parken in het blauwe segment met voldoende toekomstperspectief, maar weinig kwaliteit.

Figuur 2: Vitaliteit vakantieparken Drenthe

Bron: ZKA

Aanbodsegmenten

De onderzoekers komen op basis van hun onderzoek tot zes aanbodsegmenten:

  1. Toppers (3%) Zeer goed presterende parken die meedraaien in de top van de Nederlandse verblijfsrecreatie.
  2. Stabiele bedrijven (22%) Vitale parken die volop in contact staan met hun recreatieve gast en die met regelmaat investeren.
  3. Toppers van toen (5%) Parken met voldoende (potentiële) schaalgrootte op aantrekkelijke locaties en/of met aantrekkende en onderscheidende (dagrecreatieve) voorzieningen. Desalniettemin zijn ze volledig tot stilstand gekomen. Eigenaren ondernemen niet meer en de parken zijn daardoor bijzonder kwetsbaar om af te glijden. Een nieuwe impuls (van buiten) is vaak nodig.
  4. Beheerders (24%) Eenzijdige parken met een redelijke tot goede kwaliteit, met te weinig schaalgrootteen gelegen op toeristisch-recreatief matige locaties. Parken zijn tot stilstand gekomen. Visie (en doelgroep-focus) ontbreken en er worden geen strategische investeringen meer gedaan. Bovendien worden veel van deze parken geconfronteerd met gebrek aan bedrijfsopvolging of een verouderd eigenarenbestand.
  5. Vergane glorie (24%) Op deze parken vindt niet of nauwelijks toeristisch-recreatieve exploitatie plaats en de locatie leent zich er ook niet (meer) voor. In veel gevallen gaat het om uitgeponde en tweede woningenparken. Op kleine schaal en incidenteel vindt toeristisch-recreatieve verhuur plaats door individuele eigenaren. Wonen en recreatief tweede woninggebruik worden hier gemengd.
  6. Woonvormen (22%) Parken waar hoofdzakelijk permanent gewoond wordt, waar sociaal kwetsbare groepen mensen gehuisvest worden en/of diverse plekken die aan het verloederen zijn. De parken zijn toeristisch-recreatief niet aantrekkelijk.

Conclusie

De verblijfsrecrecreatieve sector in Drenthe functioneert suboptimaal en kent te weinig vernieuwing. Maar 3% van de parken die excelleert en tot de top van Nederland behoort. Vakantiewoningen kennen een goed presterende top 10 maar de productiviteit van de overige bungalowparken is gering. Daarnaast blijft de productiviteit toeristische- en jaarplaatsen op campings achter. Het ondernemerschap in Drenthe is verder matig ontwikkeld. De gemiddelde taakbelasting van ondernemers duidt er op dat veel ondernemers eerder parkbeheerder dan recreatieondernemer zijn. Van alle parken is 42% niet vitaal en 22% van de parken wordt niet recreatief gebruikt en fungeert als (flexibele) buffer van de reguliere woonmarkt omdat de vraag naar permanent wonen hier sterker dan is de toeristische vraag. De transformatieopgave betreft circa 3.000 eenheden.

Opgave

Drenthe staat aldus voor een grote opgave waarbij het aantal excellente recreatiebedrijven moet worden vergroot en niet vitaal aanbod nieuwe waarde moet vinden, eventueel door een transformatie buiten de recreatie.

En nu?

De onderzoekers stellen dat met concrete doelen de Drentse verblijfsrecreatie de weg omhoog moet vinden. Daarvoor zijn twee nieuwe groeistrategieën voor de provincie ontwikkeld.

1. Productontwikkeling: nieuw product voor bestaande markt

Ondernemers ontwikkelen in deze strategie een ander en verbeterd product voor de huidige doelgroep binnen de bedrijfsgrenzen. Zo speelt de ondernemer in op de huidige en toekomstige behoeften van deze gasten in de leefstijlgroepen Lime en Groen. Zij hebben behoefte aan meer kwaliteit en beleving. Ondernemers moeten het streek-DNA en de landschapskenmerken als vertrekpunt te nemen. Het herstructureren van het terrein tot een meer natuurlijke omgeving en grotere jaarplaatsen met compleet nieuwe stacaravantypen kunnen hier invulling aan geven.

2. Diversificatie: nieuw product voor een nieuwe markt

Bij deze strategie plegen parken een radicale productinnovatie voor een nieuwe markt. Dat kan toeristisch zijn met een nadruk op het rauwe en stoere van Drenthe met oer-natuur, vrijheid, puur buitenleven, Drentse blues, karresporen, kampvuur, hooilanden en heidevelden. Of woon functies in recreatieve omgeving waarbij bewust wordt ingezet op de ontwikkeling van nieuwe woonconcepten in een recreatieve omgeving. Deze woonconcepten creëren vanuit maatschappelijk opzicht nieuwe waarde voor de maatschappij in Drenthe. Bovendien kunnen deze concepten economisch beter renderen op de betreffende plekken dan de huidige recreatie.

Artikelen